Literatour: de boekenweek voor jongeren!

Afgelopen week was het Literatour week, of beter gezegd de Young Adult-week. Tijdens deze week was er veel aandacht voor jongerenliteratuur maar het populaire Young Adult genre mag in deze week niet ontbreken! Het is volgens mij dé manier om jongeren aan het lezen te krijgen én ze te houden.

Alexandra Penrhyn Lowe Sevenster Wolfsbloed

A. Penrhyn Lowe

Eén van onze eigen auteurs, Alexandra Penrhyn Lowe, schrijfster van Sevenster en Wolfsbloed, was geselecteerd als top titel voor Literatour. Ze is het hele land door gegaan om boekhandels te bezoeken. Vooral bij Boekhandel Stevens in Hoofddorp was het een groot succes! “Er waren zoveel jongeren die stapels boeken kochten, ik zag zelfs een paar meiden met een winkelmandje vol boeken”, aldus Alexandra Penrhyn Lowe. Lees hier haar blog over de boekentour.

Als afsluiter van de week werd de Dioraphte Literatour Prijs, de prijs voor het beste jongerenboek, uitgereikt in de Openbare Bibliotheek van Amsterdam. Ook hier waren weer volop jongeren aanwezig. Daar werd ook weer even de discussie aangezwengeld over de verplichte leeslijst op middelbare scholen, dat het toch écht een achterhaald systeem is en dat jongeren zélf prima in staat zijn, in overleg met hun docent(e), om de kwaliteit van boeken in te schatten en deze op hun eigen samengestelde lijst te zetten. Ik ben voor!

literatour
Het is de eerste keer dat de Boekenweek voor jongeren georganiseerd is en ik kijk terug op een prachtige week waar er met veel enthousiasme is gereageerd door middelbare scholieren op de auteurs en hun boeken. Dit enthousiasme geeft wat mij betreft aan dat er nog altijd veel jongeren zijn die van lezen houden. Het feit dat Wolfsbloed in de Bestseller top 60 heeft gestaan tijdens deze week onderstreept dat nog eens extra!

Ester Stegeman

Advertenties

Zweetplekken in m’n David Bowie-shirt

Dit is een gastblog van auteur Alexandra Penrhyn Lowe

Aexandra Penrhyn Lowe-®Keke Keukelaar 2012 kleinDonderdagavond was ik in het kader van de Boekenweek in de Nieuwegeinse Bibliotheek die heel poëtisch ‘De Tweede Verdieping’ heet. Samen met de auteurs Marian Mudder, Carla de Jong en Daniëlle Hermans was ik uitgenodigd om iets te vertellen over mijzelf en voor te lezen uit mijn werk.
Nu ben ik op dit moment druk bezig met het herschrijven van Wolfsbloed, het vervolg op mijn boek Sevenster en dat betekent dat ik in een andere wereld zit – en daardoor helemaal niet nadenk over deze wereld. Dat had tot gevolg dat ik te laat binnen kwam rennen (dat was niet mijn schuld, de sneltram was vertraagd op Utrecht CS) in mijn David Bowie-shirt, met kistjes aan, zonder make-up en mijn haren ongekamd. Ik zag de andere drie schrijvers aan een rond tafeltje staan en dacht ‘shit’.
Sorry, maar dat dacht ik. Want de drie dames zagen er fantastisch uit, met niet alleen gekamd, maar ook nog eens geföhnd haar, kekke hoge hakken, dito jurkjes, make-up… Ik besefte opeens dat ik naast hen zou afsteken als een vogelverschrikker naast een supermodel. Wat moesten al deze mensen wel niet van mij denken?
Tot overmaat van ramp was ik ook nog als laatste. Ik zag Marian, Carla en Daniëlle (in die volgorde) kalm het podium bestijgen en met drie camera’s en vijf toneellampen (ik heb ze geteld) op zich gericht helemaal in control een leuk verhaal vertellen, terwijl bij mij het zweet uitbrak, wat niet zo handig was, want mijn David Bowie T-shirt is grijs en daar zie je zweetplekken nogal goed in.

Mijn hoofd was leeg. Ik bedacht me hoe bizar het was om introverte schrijvers op een podium te zetten. Dat is zoiets als een ijsbeer in de jungle (en iedereen weet dat dat alleen in fictie logisch is) of een vogelspin die vanuit een tros bananen een Nederlandse supermarkt in loopt. Is dat niet vragen om problemen? Maar die anderen konden het toch ook? Alleen zij hadden de juiste wapens opgepakt: een onberispelijke outfit om eventuele onzekerheden mee te verbloemen (achteraf vertelden ze dat zij het ook eng hadden gevonden om daar te staan).
Maar ik had verzaakt. Ik had mijn harnas thuisgelaten. Ik was een open boek: iedereen zou aan mij kunnen zien hoe zenuwachtig ik was.
En toen bedacht ik me wat ik altijd tegen tieners zeg als ik workshops geef: ‘Je moet jezelf durven blootgeven. Als je niet kwetsbaar durft te zijn op papier, als je jezelf niet kan zijn, dan voelt de lezer er waarschijnlijk weinig bij.’
Practice what you preach.
Ik kreeg een microfoon in mijn handen geduwd en heb toen maar eerlijk gezegd dat ik zenuwachtig was en dat schrijvers voyeurs zijn en geen exhibitionisten. Ik gaf toe dat ik niet zo goed wist wat ik moest zeggen tegen een groep mensen waarvan waarschijnlijk niemand mijn boek had gelezen én niemand voor mij was gekomen (dat was ook zo). En aangezien ik het thema ‘angst’ al had aangesneden, vertelde ik toen maar dat ik schrijf om mijn angsten te bezweren en dat ik heel vreemde angsten heb zoals dat ik bang ben dat er iets op mijn hoofd valt. En daarna vroeg ik aan mensen waar zij eigenlijk bang voor waren. Dat leverde onder andere een hilarisch verhaal op van een vrouw van middelbare leeftijd die altijd droomde dat ze zwanger was en dat haar baby vervolgens uit haar viel en door een rooster in de straat verdween.

Practice what you preach. Het werkte. Geloof ik. Ik had het in elk geval naar mijn zin.
Toen de avond voorbij was, raakten we met z’n allen de weg kwijt in de stokoude BMW van Daniëlle en leek het er even op dat vier A.W. Bruna/AP-schrijvers voor altijd in Nieuwegeins Suburbia zouden moeten rondrijden.
Maar dat is weer een heel ander verhaal.

Alexandra Penrhyn Lowe

Alexandra